Studie naar herkomst deelnemers aan kansspelen

9 november 2017

Doen Nederlanders met een migratieachtergrond vaker mee aan kansspelen dan autochtone Nederlanders? Komt bij de ene bevolkingsgroep gokspelverslaving vaker voor dan bij de andere? Zo ja, is er onderscheid te maken tussen enerzijds westerse dan wel niet-westerse migranten en anderzijds autochtonen?

Dit is onderzocht door het Instituut voor Onderzoek naar Leefwijzen en Verslaving (IVO). Het vandaag gepubliceerde rapport Kansspeldeelname en problematisch speelgedrag bij Nederlanders met een migratieachtergrond (pdf, 1.3 MB), een vergelijkend surveyonderzoek is een vervolgonderzoek naar aanleiding van het rapport Modernisering Kansspelbeleid Nulmeting 2016. In het laatstgenoemde rapport schrijven de auteurs dat de helft van de ‘risico- en probleemspelers’ een migratieachtergrond heeft, waarvan ruim de helft van niet-westerse komaf is. Omdat er veel minder mensen met een migratieachtergrond in Nederland wonen dan autochtonen, is dit een belangrijke aanwijzing dat de eerstgenoemde groep mogelijk een verhoogd risico heeft. Ook uit eerder wetenschappelijk onderzoek bleek dat er aanwijzingen zijn dat problematisch speelgedrag meer voorkomt onder vooral niet-westerse migranten (afkomstig uit landen in Afrika, Latijns-Amerika, Azië of Turkije).

Enquête

Voor het vandaag gepubliceerde onderzoek is de enquête die gehouden werd voor het eerdere onderzoek herhaald op een nieuwe steekproef onder de bevolking, met daarin relatief veel mensen met een migratieachtergrond. Gekeken is naar kansspelgedrag. Ook is het zogenoemde South Oaks Gambling Screening-instrument toegepast, waarmee risico- en probleemgedrag wordt gesignaleerd. Voor zowel het kansspelgedrag als de screening is een vergelijking gemaakt tussen enerzijds autochtonen en anderzijds mensen met een westerse dan wel niet-westerse migratieachtergrond.

Deelname en risico's

Er blijkt geen verschil te zijn tussen autochtonen en niet-westerse migranten als het gaat om deelname aan de meeste kansspelen: beide groepen doen even vaak mee. Alleen wat deelname aan loterijen betreft is er wel verschil: mogelijk doen niet-westerse migranten iets minder vaak mee aan loterijen dan mensen zonder migratieachtergrond.

Ook wat betreft het aantal risico- of probleemspelers is er geen significant verschil gevonden tussen autochtonen enerzijds en migranten anderzijds. Wel zijn er aanwijzingen dat mensen met een niet-westerse achtergrond vaker elementen van risicovol of problematisch speelgedrag vertonen. Dit blijkt uit de antwoorden op de vragen volgens de genoemde SOGS-methode. Soms zijn de verschillen statistisch significant, soms niet. De verschillen tussen niet-westerse migranten en autochtonen zijn volgens de onderzoekers slechts deels terug te voeren op verschillen in demografische kenmerken (leeftijd, opleiding).

Preventie

De Kansspelautoriteit kan met de kennis die beide onderzoeken oplevert nader invulling geven aan haar publieke taak om het publiek te informeren en toe te zien op het preventiebeleid in de kansspelsector.