Reclame

20 mei 2021

Over ruim vier maanden gaat de markt voor online kansspelen open. De Kansspelautoriteit (Ksa) beoordeelt momenteel aanvragen voor een online kansspelvergunning. Bedrijven die aan alle strenge voorwaarden voldoen en dus een vergunning bemachtigen, mogen per 1 oktober exploiteren.

Betekent dit nu dat we binnenkort met een bombardement aan reclame-uitingen worden geconfronteerd? Er ontstaat immers een nieuwe markt en aanbieders zullen zich in willen vechten. Dat leidt ongetwijfeld tot veel marketing. In landen om ons heen, die eerder tot legalisering van online kansspelen overgingen, leidde het tot bijstelling in het beleid. Om er twee te noemen: in Italië werd een algeheel verbod ingesteld op reclame voor online kansspelen en in België werd de mogelijkheid tot het maken van reclame aan banden gelegd.

Vooropgesteld: ik heb geen glazen bol. U zult van mij dan ook geen harde voorspellingen in dit blog lezen. Toch kan ik er wel wat over zeggen. En de verwachting  uitspreken dat het in Nederland binnen de perken zal blijven - of is de wens de vader van de gedachte? Overigens is de politieke doelstelling van de wet dat er een legaal, voldoende attractief aanbod van online kansspelen ontstaat. De Nederlandse speler moet veilig bij betrouwbare aanbieders kunnen spelen. Reclame is nodig om de speler naar dat veilige aanbod te leiden en de illegale aanbieders weg te duwen. Er is dus een spanningsveld: voor legale kansspelbedrijven is het zaak een goede balans te vinden tussen aan de ene kant spelers verleiden en aan de andere kant geen irritatie opwekken. Waarbij ze zich uiteraard – dat staat voorop - aan de regels moeten houden.

Welke instrumenten zijn er aan de kant van de overheid om te reguleren? In de eerste plaats: de wetgever zorgde ervoor dat er op radio en televisie tussen 6 en 21 uur geen reclame mag worden gemaakt voor risicovolle kansspelen (voor minder risicovolle kansspelen, zoals loterijen, geldt een tijdvenster van 6-19 uur). Risicovolle kansspelen zijn alle kansspelen waarbij er (een groter) gevaar is op (het ontwikkelen van) kansspelverslaving. Overigens is de Ksa hier niet de aangewezen toezichthouder, dat is het Commissariaat voor de Media. Uiteraard is er nauw contact tussen de Ksa en het Commissariaat, onder meer over de invulling van dit verbod.

In de tweede plaats gelden er inhoudelijke eisen. Zo is het verboden ‘aan te zetten tot onmatige deelneming aan kansspelen’ en om misleidende marketing te gebruiken. De Ksa is hier wel de eerst aangewezen toezichthouder. Van misleiding is bijvoorbeeld sprake als de suggestie wordt gewekt dat er zeker een prijs wordt gewonnen. Van aanzetten tot onmatige deelname is onder meer sprake als er een voorstelling van zaken wordt gegeven dat gokken de oplossing is voor financiële problemen. Verder mogen kansspelaanbieders zich in hun marketing niet specifiek richten tot de zogenoemde kwetsbare groepen, waaronder jongeren. Er zijn dus spelregels; de Ksa en/of het Commissariaat zullen niet schromen in te grijpen als dat nodig is.

Gaan de spelregels er ook voor zorgen dat we niet tot vervelens toe te maken krijgen met reclames? Nee, niet per se. De wet- en regelgeving zegt niets over de hoeveelheid reclame. De ervaringen in het buitenland - ik noemde België en Italië, maar ook Spanje en het Verenigd Koninkrijk kunnen hier worden genoemd - hebben hopelijk geleerd dat de branche zelf ook een verantwoordelijkheid heeft. Die verantwoordelijkheid houdt in: zoek niet de randjes op en adverteer op gepaste en verantwoorde wijze! We hebben een gezamenlijk belang bij het in goede banen leiden van de legalisering en regulering van online kansspelen.

René Jansen