Integriteitstoets voor nieuwe en bestaande speelautomatenexploitanten

2 juli 2014

De Kansspelautoriteit breidt vanaf 1 juli 2014 de controle uit op de integriteit voor nieuwe aanvragers voor een exploitatievergunning (speelautomatenvergunningen). De uitkomst van deze herziene integriteitstoets kan gevolgen hebben voor deze nieuwe aanvragen en alleen voor bestaande exploitanten mocht hiertoe aanleiding zijn.

Waarom een integriteitstoets?

De Kansspelautoriteit toetst de integriteit van nieuwe aanvragen voor een exploitatievergunning om te voorkomen dat deze de exploitatievergunning voor criminele activiteiten gebruiken. De Kansspelautoriteit  toets de integriteit op het moment dat zij risico's en problemen constateert die een veilig en betrouwbaar kansspelaanbod in gevaar brengen. Voor de bestaande houders van een exploitatievergunning betekent dit concreet dat de integriteitstoets op verschillende momenten kan plaatsvinden, echter alleen wanneer hier aanleiding voor is.
De toetsing vindt plaats op grond van artikel 30 k lid 3 en lid 4 van de Wet op de kansspelen en artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob).

Wat wordt er gecheckt?

De Kansspelautoriteit kijkt onder andere naar het mogelijk strafrechtelijke verleden van de exploitant. Maar ook naar dat van mensen met wie er wordt samenwerkt, zoals beheerders en leidinggevenden. Het kan zijn dat de toezichthouder om de aanlevering van extra stukken vraagt, zoals jaarverslagen of statuten.

Het gevolg van niet integer handelen

Als blijkt dat de kans groot is dat een (potentiële) vergunninghouder de vergunning voor criminele activiteiten gebruikt, wordt er een procedure gestart om de exploitatievergunning in te trekken. Tegen deze beslissing kan bezwaar gemaakt worden. Bij een nieuwe aanvraag kan de Kansspelautoriteit beslissen om de vergunning niet te verlenen.

Alle bestaande exploitanten zijn per brief over de herziene integriteitstoets geïnformeerd.

Zie: Veel gestelde vragen integriteitstoets